Werkgroep stapt naar rechter om vergunning Kleefsedijk Sevenum
De Werkgroep Huisvesting Arbeidsmigranten heeft officieel beroep ingesteld tegen het besluit van het college van Horst aan de Maas om een huisvestingslocatie voor 52 arbeidsmigranten aan de Kleefsedijk in Sevenum toe te staan. Tijdens de eerdere hoorzitting op 10 februari wees de werkgroep al op meerdere tekortkomingen in het besluitvormingsproces, maar de bezwaarschriftencommissie adviseerde het college om de bezwaren af te wijzen.
Belangen arbeidsmigranten volgens werkgroep genegeerd
De werkgroep stelt dat het college de Wet goed verhuurderschap onvoldoende toepast. Zo zou de afhankelijkheidsrelatie tussen werkgever en huisvester – volgens de wet niet meer toegestaan – door het college toch worden goedgekeurd. De wet is gebaseerd op het rapport van de Commissie Roemer “Geen tweederangs burgers”, dat door de gemeente wel in beleid is opgenomen, maar volgens de werkgroep niet in de praktijk wordt gebracht.
Ook hekelt de werkgroep de beperkte recreatiemogelijkheden op de locatie. Dit zou ertoe kunnen leiden dat bewoners hun vertier buiten het terrein zoeken, met mogelijke overlast voor de buurt als gevolg.
Gezondheidsrisico’s en milieuaspecten
Een belangrijk punt van zorg is dat de locatie binnen een spuitzone ligt en binnen de geurcontour van een nabijgelegen varkensstal, die bovendien mag uitbreiden. Volgens de werkgroep brengt dit gezondheidsrisico’s met zich mee die onvoldoende zijn meegewogen.
Onvoldoende aandacht voor omwonenden
De werkgroep vindt dat de belangen van omwonenden niet goed zijn meegenomen. Zo zou de maximale duur van tien jaar voor de huisvestingslocatie niet stevig genoeg zijn vastgelegd, en ontbreekt een regeling voor de maximale verblijfsduur van vier maanden voor arbeidsmigranten. Daarnaast zijn er in de directe omgeving al meerdere huisvestingslocaties, wat volgens het gemeentelijk beleid tot ongewenste cumulatie leidt.
Ook de verplichte omgevingsdialoog zou niet volgens de gemeentelijke richtlijnen zijn uitgevoerd.
Conclusie van de werkgroep
Volgens de werkgroep is de vergunningverlening “onzorgvuldig voorbereid en onvoldoende gemotiveerd”. Economische aspecten zouden nauwelijks zijn meegenomen in de beoordeling van de plannen.
---
Bericht door: Redactie