Natuur(lijk) Horst aan de Maas: droge kost
Over ons meest favoriete gespreksonderwerp raken we nooit uitgepraat. Zonder het te beseffen is het weer ook meteen een controversieel onderwerp. Het gevoel zegt ‘wanneer wordt het eindelijk weer zomer’ terwijl de ratio zegt ‘laat de hemelpoorten nog maar even open staan’. Na de extreem warme zomers van de afgelopen jaren zucht de natuur nog na van de aanslagen die op haar zijn gepleegd.
Aan de hoeveelheid regenwater wat valt ligt het niet. Wel waar het uiteindelijk terecht komt.
Van al het regenwater verdwijnt het leeuwendeel (83%) via riool, sloot, beek en rivier linea recta naar de Noordzee. De rest (17%) blijft achter om het grondwaterpeil mee aan te vullen. Dit zou op zich ruim voldoende moeten zijn daar de natuur slechts een klein deel hiervan zelf nodig heeft (4%). Echter onze industrie, landbouw en drinkwaterwinning vraagt meer dan de totale aanvulling (18%). Doordat we elk jaar een beroep doen op de tanende reserves komt de kritieke grens van het grondwaterpeil in zicht.
Vroeger bestond ons land voor de helft uit moerassen en veengebieden. Deze fungeerden als prima waterbuffers. Door de eeuwen heen zijn wij meesters gebleken in het bedwingen van water. Door ontginning zijn veel van de oorspronkelijke gebieden geschikt gemaakt als landbouwgrond. Als gevolg van ruilverkaveling zijn verder kaarsrechte sloten aangelegd om het overtollige water snel af te kunnen voeren. Water wat daardoor nauwelijks kans meer krijgt de grond in te trekken. In onze ijver zijn we wellicht het water teveel als onze tegenstander gaan zien terwijl het in werkelijkheid een onmisbare bondgenoot is.
Er zijn initiatieven en voorstellen die het tij weer ten goede kunnen doen keren.
Zo kunnen we beken hun natuurlijk meanderende loop weer terug geven. Hierdoor wordt de snelheid van de stroming geremd en wordt er meer oppervlak de mogelijkheid geboden om water op te nemen. Dat daarmee het aanblik ook nog eens verfraaid wordt is een mooie bonus. Het zo min mogelijk maaien van waterlopen tijdens de zomer geeft schaduw en beschutting niet alleen aan het water maar ook aan de fauna (bijv. salamanders, kikkers, weide- en watervogels). Verder zouden stuwen of sluizen ingezet kunnen worden om, in tijden van droogte, de waterloop tijdelijk stil te leggen en kunnen vennen aangelegd worden als natuurlijke buffer.
In de landbouw zijn de beregeningsinstallaties steeds krachtiger geworden. Deze verbruiken per uur net zoveel water als een huishouden in een heel jaar. Op een warme zomerdag verdampt veel van dit water voordat het de grond in kan trekken. Ipv intensieve landbouw zouden we kunnen overwegen om naar kleinschaligere landbouw te gaan. Ter stimulans zouden boeren hiervoor een duurzaamheidsvergoeding aangeboden kunnen worden.
Tenslotte kunnen we zelf ook een mooie bijdrage leveren. Een regenton als buffervat is zeer geschikt als water voor planten binnen en buiten. Door, als alternatief voor bestrating, groen aan te leggen in je tuin geef je de aarde de kans het regenwater op te nemen ipv dat het in het riool verdwijnt. Wees terughoudend met teveel sproeien in de tuin. Als je vaak water geeft maak je planten lui waardoor ze minder lange wortels ontwikkelen en afhankelijk worden van oppervlakte water. Ten slotte kun je regenwater afvoeren naar een infiltratiekolk of grindkoffer die je ingraaft in je tuin. Van hieruit zakt het water de grond in. Wist je dat onze gemeente hiervoor een subsidieregeling heeft? Geïnteresseerden kunnen een gratis afspraak maken met een adviseur om te kijken welke oplossing het beste past.
Het zou mooi zijn als over jaren van nu droogte alleen nog geassocieerd wordt met humor van het kaliber van, een pak hem beet, Ton Kas of Phillipe Geubels. Zo gortdroog dat alleen een glas water in staat is de nasmaak van wat nog een vage herinnering is aan vervlogen dorre tijden weg te spoelen en via een meanderend gangenstelsel ons lichaam te voorzien van wat moeder natuur ons geschonken heeft.
Guido Verbruggen
---
Column door: Redactie